Facebook bericht

Sociale media zijn ideaal om ervaringen te delen. Zo is er op Strava een groep speciaal voor Speed Pedelecs die hun snelle fiets voor het Woon-Werk verkeer gebruiken. Alle ritten worden netjes geregistreerd, de totalen worden bijgehouden, je kunt zien wie je onderweg tegenkomt, en sinds een paar maanden is er een categorie “E-Bike” toegevoegd. Tip: Strava geeft de mogelijkheid om een gedeelte van de route als ‘track’ (segment) op te slaan. En omdat de “E-Bike” categorie pas is toegevoegd is de kans groot dat jouw track nog niet eerder is toegevoegd, m.a.w. op jouw naam komt te staan.

Facebook Speed Pedelec groep

En dan is er natuurlijk Facebook… Een hele jonge, actieve groep met veel ‘Snelle Fiets’ nieuws is “Speed pedelecs, deel uw ervaringen“.  Ward Debaele schreef op 1 dec. (2016) in deze groep een bericht over zijn ervaringen. Dit bericht wil ik graag met jullie delen:

Week 0-3
Ja man, de weken razen voorbij net zoals ik ‘vlieg’ op mijn Gazelle Cityzen Speed. Heerlijk is (en blijft) het om aan die snelheden te kunnen fietsen langs mooie groene paden, drukke gewest- en stadswegen en langs honderden andere tragere weggebruikers.
Laat me beginnen met enkele statistieken:
– totaal aantal afgelegde kilometers (van donderdag 10/11 tem donderdag 1/12) = 806,4 km
– gemiddeld aantal kilometer per week (op een totaal van 3 weken) = 268,6 km
– gemiddelde snelheid = 33,1 km
– maximum snelheid = 64,9 km
– aantal gebroken kettingen = 1
– aantal batterijen (500 Wh) in gebruik = 2
– aantal gebroken brillen = 1
– aantal keren dat de fiets (zonder mij) viel = 1
– aantal verwensingen van andere weggebruikers = 0
– aantal eigen verwensingen naar andere weggebruikers toe = 9
– aantal verbaasde blikken en mensen die nastaren (en niet zien dat ik dat zie via de spiegel) = 1000.0000000.0000

Wat een belevenissen zijn het toch. Iedere rit tekent een nieuw verhaal. Zo was er die keer dat een zwerm vogels – het waren er zeker honderden – zich vlak voor en boven mij op het jaagpad aan een groepsdansje waagden. Tot 2 keer toe scheerden ze in groep, zo’n 3 meter van me vandaan en zo’n 2,5 meter hoog van de grond, over het jaagpad. Vlakbij dus. Schitterend spektakel. Of ik moet vlug tevreden zijn, dat kan ook natuurlijk.
Of die keer dat mijn ketting brak. ’t Is te zeggen, op een ochtend en na 21 km cruisen trapte ik plots een paar keer na elkaar door. Ik dacht eerst dat de ketting telkens ‘versprong’ van versnelling maar na een tijdje had ik door dat het even doortrappen was – telkens gepaard met een luide ‘KLEK!’ – om dan terug in de zelfde vitesse verder te rijden.
En ik moest toen nog 15 km naar en 36 km terug… Achteraf bleek het te gaan om één schakel van de ketting die aan één kant ‘doorgekrakt’ was. Nu, ondertussen ligt er een nieuwe ketting op en peddel, pendel en pedaleer ik lustig voort.
En dan ook nog… Het weer. Mannekes, ik koos echt wel de beste periode ooit uit om te starten met het berijden van een speed bike. Not! Ik heb ondertussen alles gehad behalve, euhm, degelijk weer.

’t Is te zeggen :
regen
niet het miezeren (dat eigenlijk ook wel) maar toch al een aantal keer met bakken tegelijk naar beneden aan het komen,
én kou
gisteren nog -4,9° in de ochtend, aangekomen op mijn werk ontdekte ik ijspegels in mijn baard,
én wind
geen idee hoeveel beaufort maar genoeg om je te moeten dubbelplooien om op tijd te zijn (en door de regel is woon-werkverkeer één lange rechte streep tegen de wind in (of, gelukkig, omgekeerd met de wind mee))
waren allemaal reeds mijn deel.

Maar je hoort me niet klagen, echt waar niet. Ik verveelde me nog geen seconde op die fiets. Bizar eigenlijk, en toch de realiteit. Ik amuseer me zelfs op lange rechte en saaie banen zoals de N60 tussen Gent en Ronse. Ben ik nu helemaal gek geworden? 🙂
Over die N60 gesproken. Het is wel degelijk daar dat ik mijn eerste verwensingen gesmoord zag in mijn eigen hoofd. Op die baan, die 2 rijlanen aan beide zijden kent, ligt het fietspad (gelukkig) zo’n 2,5 meter van de weg af. (Ter info: fietspad van slechts 1 meter breed zonder afscheiding. Jep, België…). En van die 2,5 meter tussenruimte maken bepaalde automobilisten en truckchauffeurs handig gebruik om hun vehikel onbewaakt achter te laten.
Het gevolg? De eenzame fietser mag in de remmen, in de goot en in het gras (modder kan ook) om het obstakel te passeren. Eén keer dacht ik er aan om langs de linkerkant te passeren maar op een rijweg waar de maximumsnelheid 90 km per uur is leek me dat om één of andere reden uiteindelijk niet echt een goed idee.
Ik denk er trouwens aan een papiertje in veelvoud te maken dat onder de ruitenwissers kan met de vriendelijke edoch niet mis te verstane tekst: ‘Beste automobilist, Er passeren hier wel degelijk fietsers. Gelieve hier rekening mee te houden. Alvast heel erg bedankt.’

En ja, je las het goed daar aan het begin. Aantal gebroken brillen = 1. Op aanraden van deze gemeenschap kocht ik een goedkope ‘werkmansbril’ in een doe-het-zelf zaak. Schitterend idee was dat. Dat ding doet, eumm, echt z’n ding. En nog goed ook. En dat voor 7€. Het ziet er wel niet uit maar goed, de anderen zien je toch niet want je vlamt hen toch fenomenaal hard voorbij. Hahahahahaaa. 😉

Nu goed, de geringe aankoopprijs wreekte zich toen ik op een frisse ochtend de bril tussen de ‘buff’, het ‘potske’ (helmet cap) en de helm probeerde te wringen. ‘Klak’ zei de bril en deze jongen mocht de laatste kilometers van de dag spenderen met het constant aanduwen van de overblijfselen op z’n neus. Dit gezegd zijnde en ondanks dit voorval, ik ga me binnenkort een nieuwe ‘werkmansbril’ aanschaffen. Echt wel een goeie oplossing voor weinig geld. Ik kijk later wel uit naar een andere (waarschijnlijk veel duurdere) koersbril.

Die aanschaf is dus voor later. Waar ik wel al (veel) geld voor neertelde is een 2de batterij. En daar ben ik dus best heel erg blij mee. Ik begin zelfs formule 1 allures te krijgen bij het wisselen tijdens de pitstop. Hoe snel kan je die wissel eigenlijk wel doen? Het kan uiteraard ook liggen aan de barre weersomstandigheden van de laatste dagen, die zorgen er voor dat ik echt wel heel snel stop, spring, fietstas afkoppelen en open, quasi lege batterij afkoppelen, lege batterij op de bagagedrager leggen, volle batterij aanleggen, quasi lege batterij in de fietszak, fietszak dicht en terug aan de bagagedrager, springen op de fiets en hoppa… Weg zijn wij.

En o ja, mijn fiets is dus één keer, zonder baasje, gevallen. Hoe raar dat op dit moment ook moge klinken, achteraf bleek die gebeurtenis een zegen. Voor dat voorval had ik namelijk last om mijn spiegel op de juiste positie te krijgen. Het onding draaide steeds te ver weg naar links, wat ik ook probeerde. Op een steile helling in het centrum van Geraardsbergen bleek de hellingsgraad plots iets te hevig. Nadat ik het stalen ros parkeerde greep ik naar de fietstas met als doel die te bevestigen en… BAM! De Gazelle gracieus tegen de vlakte. Vloeken natuurlijk, dit keer luidop. De schade opmeten bleek mee te vallen en tot mijn grote verbazing staat mijn spiegel gewoon beter in positie dan voordien. ‘Geluk bij een ongeluk(je)’ zeg maar.

Bon, tijd om af te ronden. Best vermoeiend allemaal. Ik moet zeggen dat ik het wel voel, die overschakeling van 2 maal per week fietsen met de racefiets (max. 100 km/week) naar 270 km per week. En de weersomstandigheden zullen er ook wel mee te maken hebben zeker? Weet je wat uiteindelijk nog het meest energievretend van allemaal is? Te moeten opboksen tegen de vooroordelen over de elektrische fiets bij vrienden en kennissen. 🙂

“Verstand komt met de jaren” zeggen we dan.

Of ik bij wijze van afsluiter nog een tip heb?

Hmm, wie ben ik om tips te geven? Nu ja, misschien eigenlijk wel. Eentje dan. Ik ben maar wat blij dat ik mijn fiets kocht bij een fantastische fietsenmaker die spreekt met kennis van zaken, goesting heeft om creatieve oplossingen te bedenken (bvb. mijn licht aan het stuur zelf bevestigen ipv wat lager, de schitterende oplossing met betrekking tot de klapperende nummerplaat, enz.) en oprecht geïnteresseerd is in mijn belevenissen en verzuchtingen.
Dus, laat me afsluiten met de slogan ‘support your local dealer‘!
Tenzij dat een echt ‘kalf’ is natuurlijk. Dan kan je het misschien toch beter wat verder gaan zoeken.

Tot later…

Met dank aan Ward Debaele.

Geef een reactie